Close

October 4, 2014

“Oortjes”, taktiek en strategie

earpiece

“Een groot verschil tussen toen en nu was de afwezigheid van oortjes. De laatste jaren staan de renners voortdurend in contact met hun ploegleiders, die tijdens de wedstrijd instructies kunnen doorgeven – een ontwikkeling waar Kochli, Hinault en LeMond eensgezind tegen zijn, omdat ze alle drie het gevoel hebben dat daardoor veel van de spontaniteit en de onvoorspelbaarheid van de wielrennerij verloren gaat. ‘We hadden geen zendertjes, dus je moest een kaart bestuderen, nadenken over windrichtingen en van die dingen’, zegt Hinault. ‘Je bepaalt een strategie, maar tijdens de wedstrijd ben jij diegene die zich moet aanpassen aan veranderede omstandigheden. Je kunt niet wachten tot iemand je zegt: “Nu moet je ervoor gaan, want de anderen zitten op twee minuten achter je.” Dat bevalt me niet aan het koersen van nu. De renners wachten tot de directeur-sportief hun vertelt wanneer de strijd eindelijk losbarst. Nee! Je moet je tegenstanders in de gaten houden, kijken of er iemand achter in het peloton zit en hem verrassen. Als je de boel kunt openbreken, kun je een treintje vormen… Je kunt je tegenstander verrassen: “Shit. Hij heeft me te grazen!” De strijd is gestreden.’

Kochli zegt dat hij, in de tijd dat hij directeur was, bij verschillende gelegenheden prototypes van oortjes aangeboden heeft gekregen. ‘Ik heb het een keer overwogen en besloten dat we daar NOOIT gebruik van zouden maken’, zegt hij, ‘Ik wilde de verantwoordelijkheid bij mijn renners laten. Je moet [als renner] een uitstekende tacticus zijn. Tactiek is wat NU gebeurt,’ Hij knipt met zijn vingers om het punt te benadrukken. ‘Onmiddellijk. Dat heeft niets met strategie te maken. Een ploegleider zou tijdens de wedstrijd nooit met de renners in discussie gaan over tactische kwesties. Dat is trouwens per definitie onmogelijk. Tactiek is wat er tijdens de wedstrijd plaatsvindt.’ Hij knipt opnieuw met zijn vingers. ‘Een renner moet intuitief beslissen en dat betekent verantwoordelijkheid nemen.’

Het is het verschil tussen het grote geheel en het detail. De strategie […] kun je zien als het grote geheel, terwijl de tactiek – of je met een aanval moet meegaan, bijvoorbeeld – de details, de kleine beslissingen omvat die snel en in het heetst van de strijd moeten worden genomen. ‘De strategie’, zegt Kochli, ‘is wanneer ik ‘s ochtends zeg: “Oke, jongens,” – hij klapt een paar keer in zijn handen –  “vandaag blijven we in de verdediging”, of “vandaag gaan we in de aanval.” Want de Tour is een strategische oorlog’, voegt hij eraan toe. ‘Je kunt niet overal aanvallen en wat precies wordt bedoeld met de woorden “verdedigen” en “aanvallen” moet binnen de context worden geconcretiseerd. Je hebt een strategisch plan nodig.’””

(Richard Moore, De spectaculairste Tour aller tijden, Uitgeverij Meulenhoff, Amsterdam 2013, blz 229=231)