Close

September 3, 2014

Boksen, Mike Tyson en hypnose

“Cus manipuleerde graag en was dol op psychologische oorlogsvoering. Hij dacht dat boksen voor negentig procent een psychologische sport was in plaats van een fysieke. Wilskracht in plaats van spierkracht. Dus op mijn vijftiende nam hij me voor het eerst mee naar een hypnotherapeut, John Halpin genaamd. Hij hield kantoor op Central Park West in New York. Ik moest er op de grond gaan liggen en doorliep dan alle fasen van ontspanning: hoofd, ogen, armen, benen, alles werd zwaar. Als ik onder zeil was, zei hij egen me wat Cus hem opdroeg. Cus had op een vel papier geschreven wat hij kwijt wilde, John las het dan voor. ‘Je bent de beste bokser ter wereld. Dat zeg ik niet omdat ik je iets wijs wil maken, maar omdat je dat ook echt bent; je bent gemaakt om te boksen.’

Halpin leerde ons hoe je jezelf op elk gewenst moment kon hypnotiseren. Thuis in Catskill ging ik op de vloer van mijn slaapkamer liggen en kwam Cus er op een stoel naast zitten. Dan ontspande ik me, raakte onder hypnose en dan begon Cus te praten. Soms hield hij het algemeen en zei dat ik de beste bokser ter wereld was, en soms ging het over iets specifieks. ‘Je directe is een wapen. Je stoot als een wilde en met een reden. Je rechtse is subliem. Dat geloof je zelf niet, maar dat gaat vanaf nu veranderen. Je bent de gesel Gods. Men zal tot in lengte van dagen weten wie je bent.’ Behoorlijk diepzinnige shit. En ik geloofde het.

Af en toe maakte Cus me midden in de nacht wakker met allerlei voorstellen. Soms hoefde hij niet eens te praten, dan kreeg ik zijn woorden telepathisch door.

Hypnose was erg belangrijk voor me. Ik zag het als een geheime methode waar ik baat bij had. Volgens sommigen was ik gestoord, maar ik geloofde elk woord dat Cus zei. Het was en evangelie. Cus was mijn God. Een blanke kerel vertelt me dat ik tot de top behoor. Waarom moest ik de beste bokser ooit zijn?”

(Mike Tyson met Larry Sloman, Niets dan de waarheid, Xander Uitgevers, Amsterdam 2014, blz 76-77)