Close

August 21, 2014

De wetten van het toernooivoetbal

“Het was in de dagen voor de halve finale op het WK 2010 tussen Uruguay en Nederland dat de vader van de beste speler op dat toernooi de wereld een diepe en onomstotelijke waarheid schonk.

‘Geen beker is makkelijker te winnen dan de wereldbeker’, zei Pablo Forlan. En hij keek erbij alsof iedereen dat al heel lang wist.

Toen de journalist van de Spaanse krant ‘El Pais’ hem toch met grote ogen aankeek, wilde de voormalige international van Uruguay, actief op het WK van 1966 en 1974, er wel dieper op ingaan. Natuurlijk was er eerst een kwalificatiereeks. Maar eenmaal geplaatst voor het eindtournooi ontkwam je niet aan de door hem ontvouwde theorie.

‘Veel landen gaan niet naar het WK toe met idee dat ze kunnen winnen’, zei vader Forlan. ‘Maar na zeven wedstrijden kun je met de beker in handen staan! Vergelijk dat eens met de Primera Division. Dat is een competitie over achtendertig wedstrijden.’

Het was een bondige en overtuigend geformuleerde theorie. En iedereen die ooit serieus een toernooi speelde, herkende deze woorden direct. Natuurlijk was het zo eenvoudig: ook het WK is een toernooi in de zomer. Je kon het woord ‘maar’ toevoegen – het WK is maar een toernooi in de zomer – maar dat was weer een overdreven geringschatting van de te leveren prestaties. Het punt dat papa Forlan voor de hele wereld duidelijk wenste te maken, was dat een toernooi altijd weer verliep volgens de wetten van het toernooivoetbal.

Daarbij waren zaken als gunstige loting, geen verlies in het openingsduel en enig geluk van cruciaal belang, hoewel ook weer niet doorslaggevend. Wel allesbepalend was de wetenschap dat in een toernooi er niet van iedere ploeg gewonnen hoeft te worden om als toernooiwinnaar te worden gekroond.

‘Geloof me, jongen’, zei vader Pablo tegen zoon Diego vlak voor diens vertrek richting Zuid-Afrika. ‘Geen beker is makkelijker te winnen dan de wereldbeker.’”

(Arthur van den Boogaard, Zo Speelden Wij – Nederland in veertien legendarische voetbalwedstrijden, Uitgeverij Atlas Contact, Amsterdam/Antwerpen 2014, blz 218-219)