Close

July 20, 2014

Het vieren van een doelpunt*

“Zondagavond reed ik terug uit Boxmeer en hoorde, op de radio, een speler van SC Cambuurt. Hij legde, met overslaande stem, uit wat hij met enkele andere spelers op de training had bedacht. Stel, SC Cambuur zou scoren in de wedstrijd tegen PEC Zwolle, dan gingen ze iets geks doen bij de cornervlag. Tijdens de laatste training hadden ze het volgende bedacht: na een doelpunt zouden ze de bal meenemen naar de hoek van het veld, ze zouden hem naast de hoekvlag neerleggen, daarna zouden ze allemaal om de bal heen hurken en vervolgens zouden ze doodstil enkele seconden naar de bal kijken.

En zo ging het ook. Ik zag het ‘s avonds terug in de samenvatting van de wedstrijd. Ik keek en een enorme droefheid nam bezit van mijn lichaam. Dat armzalige niveau van het Nederlandse voetbal. Dat krankzinnige circusgedoe. SC Cambuur […] heeft spelers in de selectie die energie steken in de choreografie van het vieren van een doelpunt. […]

Ik vraag me nu een paar dingen af. Hebben ze dit geoefend? Dat moet bijna wel. Zo zag het er ook uit. Iedereen wist precies wat de afspraak was. Raar, onbeweeglijk kijken naar de bal. Ik weet bijna zeker dat ze dat doelpunt vieren hebben geoefend op het trainingsveld. Na de training hebben er meerdere spelers van SC Cambuur heel hard geoefend op het raar vieren van een doelpunt. […]

De trainer van SC Cambuur moet het oefenen hebben gezien. Dat kan niet anders. Die heeft zijn spelers dat rare toneelstukje zien instuderen en heeft gedacht: de teamgeest is goed. Ze zijn bezig met winnen. Lekker laten gaan. Dit idee berust op een misverstand. Die voetballers zijn met alles bezig geweest behalve met winnen

Echte profs dromen niet van een doelpunt en de viering daarvan. Echte profs scoren en lopen met een strakke kop terug naar de middenlijn.”

* “Het is toegestaan dat een speler zijn vreugde uit als er is gescoord, maar het moet niet worden overdreven. Redelijke vreugde-uitingen zijn toegestaan, maar de praktijk van ingestudeerde uitingen moet niet worden aangemoedigd, wanneer dit uitmondt in buitensporig tijdrekken. Scheidsrechters moeten in deze gevallen ingrijpen.” (regel 12)

(Nico Dijkshoorn, Met de punt naar voren, Voetbal International 2014, blz 251-253)

Literatuur

Henk-Jan Grotenhuis en Tim Duyff, Het grote juichen – De geschiedenis van het triomfvertoon in het voetbal. Uitgeverij De Arbeiderspers/Het Sporthuis, Amsterdam/Antwerpen 2007