Close

June 16, 2014

“De statistieken van de geschiedenis bepalen het imago van vandaag”

“Wat is de houding van je spelers ten opzichte van de tegenstander? Staat er een team of niet? Dat is niet meetbaar, maar wel zichtbaar. Als Ajax speelt staat er altijd een team. Maar hoe staat dat team ten opzichte van de tegenstander? Is het stadion ook van invloed? Is het respect of is het ontzag hoog?

Het is de opening van Joop Alberda, als coach winnaar van olympisch volleybalgoud. De statistieken van de geschiedenis bepalen het imago van vandaag.

“Stel: wij spelen tegen Italie. Dat presteert al jaren relatief slecht. Dan hebben we toch nog ontzag voor ze omdat ze vroeger de beste competitie hadden. Je moet dus oppassen dat je niet tegen het verleden speelt in plaats van tegen de realiteit. Dat vind ik in voetbal, of sport in het algemeen, een probleem. De statistieken van de geschiedenis bepalen het imago van vandaag. Terwijl uit die geschiedenis niemand in het veld staat. AC Milan is een kwetsbare ploeg, maar blijft sterk vanwege die oude naam en faam.

Als coach kan je dat beinvloeden en transparant maken voor het team. Dat heb ik eens gedaan toen wij altijd verloren van Italie. Als staf hadden we het gevoel dat het kwam door het ontzag voor Italie. We werden in het beste hotel gelegd, met de beste bedden, zodat geen vijandbeeld van ons naar hen zou kunnen ontstaan. Wij gedroegen ons ook altijd collegiaal ten opzichte van de Italianen. Dat gedrag moest kantelen. Meer in de richting van: dit is onze tijdelijke vijand waar wij respect voor hebben, maar geen ontzag meer.

Als je tegen een groot sportland speelt, speel je dan ook tegen een heel land? Of staan er elf ‘naakte’ spelers op het veld, die vanuit een gedegen analyse helemaal niet zo fantastisch zijn? Dan gaat het om de lichaamstaal en mentale attitude naar de tegenstander. Dat zit deels in een selectie en dat heb je niet altijd in de hand. Als bondscoach heb je niet de keuze uit 16 miljoen Nederlanders. Je hebt de keuze uit circa 16 spelers. Ga je naar speler 17, 18 en 19, dan weet je dat je concessies doet. Van een aantal in die selectie wil je profijt hebben, maar geen last.”

(Jeroen Visscher en Jurgen Frumau, Louis van Gaal – Hoe smeed je wereldkampioenen?, Uitgeverij De Kring, 2014, blz 109-110)