Close

March 6, 2014

Voetbaltaal en -tactiek: “druk zetten” door het Ajax van Gerrie Muhren

“35ste minuut

Internazionale probeert over de linkerkant uit te verdedigen. In een kleine ruimte zet Ajax met vier spelers druk. Inter komt er wonderwel uit. Neeskens onderbreekt de opbouw met een overtreding.

Muhren: ‘Wij hoefden helemaal geen specifieke afspraken te maken over het druk zetten. Natuurlijk kwam je in een wedstrijd wel eens op een andere plaats uit. Je wist toch altijd wat je moest doen.

Wedstrijdbesprekingen stelden weinig voor, ook bij MIchels waren dat hooguit een paar opmerkingen. Wij wisten dat Vasovic de commando’s gaf. Later, na de periode Vasovic, was het elftal zo gegroeid dat het teken om te gaan jagen van iedereen kon komen. En dan ging je ervoor.

Zo’n commando om te gaan jagen werd nooit gegeven als de tegenstander in een grote ruimte in balbezit was. Dat werd gedaan als de bal naar de zijlijn ging, als de bal achteruit werd gespeeld of als er gewoon een lastige pass werd gegeven. Als de speler met zijn rug naar het spel kwam te staan, wisten wij wel wat we moesten doen. Zo’n speler mocht zich nooit om kunnen draaien. Als hij toch draaide, dan stonden wij meteen met een paar man voor zijn neus.

Wij waren de generatie van net na de oorlog. Wij moesten overleven. Iedereen kon zich ondergeschikt maken aan het belang van de ploeg. Ook Cruijff. Die wilde zo ontzettend graag winnen, die had er geen moeite mee om wek op te knappen voor de ploeg. Het is de koppeling van echte kwaliteit en de absolute overlevingsdrang, die ook het Nederlands elftal van 1974 zo goed maakte. Zo goed wordt Oranje nooit meer.’

[…]

46ste minuut

De tweede helft begint. Inter trapt af. Direct stoort Ajax en Cruijff pakt de bal af. Zijn run wordt ten koste van een hoekschop gestopt door rechtsback Bellugi.

Muhren: ‘Dit heeft te maken met een gedachte binnen het elftal. Inter trapte af en wij wachtten dan niet af wat de tegenstander ging doen. Wij gingen er meteen op af: hier zijn we. Er was maar een uitgangspunt: wij dicteren. Bluf, maar wel bluf met kwaliteit. Dat is noodzaak, anders ga je voor schut. Wij zijn nooit begonnen met het idee dat het wel eens mis kon gaan.’

[…]

57ste minuut

Inter speelt de bal over de lijn. Libero Blankenburg pakt de bal en gooit meteen in.

Muhren: ‘Niet wachten, snel nemen. Voordeel halen. En wat maakt het dan uit dat het de laatste man is die ingooit? Tegenwoordig laten ze de bal liggen, want die centrale verdediger moet eerst weer in het centrum staan: alles gericht op controle. Die wilden wij ook wel, maar de positie centraal kon ook wel door iemand anders bezet worden. En dan waren de spelers wel zo algemeen gevormd, dat dit ook goed ging,’”

(Luc Doevendans e.a., Voetbalhelden sterven niet, Voetbal International, Gouda 2012, blz 162-163, 164, 166)