Close

July 5, 2013

Hoogtepunten van Giovanni van Bronckhorst in Oranje

gio

“Het toernooi in Zwitserland is een week lang een droomtoernooi. In de ouverture tegen regerend wereldkampioen Italie speelt Giovanni [van Bronckhorst] zijn mooiste interland ooit. De linksback blinkt uit in een Nederlands elftal dat als geheel al goed speelt.

Het begint met de mooiste counter van het toernooi in de 31ste minuut bij een 1-0 voorsprong (goal Van Nistelrooij). Na een corner van Italie speelt Nederland over zes schijven de azzuri kapot naar 2-0. Giovanni is de schakel van verdediging naar aanval. Hij verenigt al zijn kwaliteiten in die ene counter: verdedigen, sprinten en passen.

Eerst werkt hij bij de corner de bal bij de tweede paal van zijn eigen doellijn. Vervolgens sprint hij met een lange rush langs de linkerflank een oneindig groene zee van ruimte in, terwijl de Italianen de counter bij Sneijder en Van der Vaart proberen te smoren. [Van Bronckhorst] roept, krijgt de bal, controleert en passt precies op maat ‘over de hele’ naar de opkomende Kuijt. Die kopt terug naar Sneijder. Doelpunt. Totaalvoetbal met een doelpunt in zeventien seconden.

Elf minuten voor tijd zet hij voor Oranje de kroon op het werk. Weer sprint [Van Bronckhorst] de ruimte in bij een counter, na een formidabele redding van Van der Sar op een Italiaanse vrije trap. Kuijt geeft voor en Giovanni knikt in. Zijn eerste kopgoal in Oranje.”

“De halve finale tegen Uruguay is achttien minuten oud. Kuijt speelt vanaf rechts de bal naar Van Bommel in het centrum, die een stevig blok zet tegen een inkomende verdediger, en de bal laat lopen voor Demy de Zeeuw. Korte pass naar Sneijder, terug naar De Zeeuw die met één kaats de bal naar links speelt naar de opkomende [Van Bronckhorst]. Nog voor de bal bij de aanvoerder is, weet zijn hele lijf al dat hij gaat schieten. In één beweging neemt hij de bal aan en legt hem een paar meter voor zich, neemt zes korte passen en lost van dertig meter een onwaarschijnlijk verwoestend schot. Geen zwabberbal, maar een ‘streep’, die (in Evert ten Napel-termen) als een granaat in de rechterkruising belandt. Heel licht toucheert de bal de binnenkant van de paal, maar hij blijft onbereikbaar voor de uitgestrekte arm van de keeper. [Van Bronckhorst] schreeuwt het uit, de armen gespreid en de vuisten gebald, ogen vol vuur. Pure extase, de stille kracht verandert in een uitbarstende vulkaan.

[…] Nederland wint met 3-2. […] [Van Bronckhorst] is pas de derde speler na Cruijff (1974) en Gullit (1990) die als aanvoerder op een WK [voor Nederland] scoort. De FIFA kiest het doelpunt tot mooiste van het toernooi.”

(Tonny van der Mee, Simon Tahamata en de andere Molukse voetbalhelden in dienst van Oranje, Kick uitgevers, Rotterdam 2012, blz 270-271, 273-274)