Close

March 1, 2013

De “aanvallende” buitenspelval in het “totaalvoetbal” van Johan Cruijff

 

DE MOS: ‘Cruijff vertelde mij het verhaal over hoe het systeem van de buitenspelval ingevoerd is geraakt.’

BOSKAMP: ‘Let op: we spreken hier over de buitenspelval in het Nederlandse voetbal, dat is de aanvallende variant, waarbij je hoog speelt en veel ruimte laat achter de verdediging. De Belgen gebruikten de buitenspelval als defensieve tactiek, omdat ze mar één ding wilden: geen goal binnenkrijgen. Dat is heel iets anders.’

DE MOS: ‘Nou, Cruijff zei dat die buitenspelval bij Nederland was ingevoerd, omdat hij zo lui was. Hij had geen zin om elke keer die tachtig meter te lopen, en hij vond dat zijn ploegmaats dat ook niet altijd weer moesten doen. Cruijff vindt dat je fit moet zijn om in die zestienmeter te komen. Dat zie je nog altijd bij Barcelona. Dat kan alleen als je niet telkens op en neer moet. Je blijft dus als ploeg hoog staan, ook bij balverlies. En counters vang je dan op met die buitenspelval en met een keeper die eigenlijk als libero fungeert, die kan meevoetballen. Ze hebben toen lang geoefend tot dat systeem er helemaal in zat.’”

(Rob Siekmann en Frans Duivis, Voetbal!, Uitgeverij Het Spectrum, Utrecht 2000, blz 161-162)

N.B. Zie ook in siekmann.nl: “Voetbaltactiek en voetbaltaal: de buitenspelval”.