Close

January 24, 2013

Avondje NAC

“Eugène Lemmens wees naar beneden, van achter het raam van zijn gehuurde sportvliegtuigje. Daar, op een braakliggend stuk land, kilometers onder Parijs, lagen de vier metalen masten waar hij speciaal voor was gekomen. De hoogste tijd om de daling in te zetten.

Lemmens was clubsecretaris en samen met de rest van het bestuur had [bij hem] het idee postgevat om vier lichtmasten te kopen, opdat NAC voortaan ook avondwedstrijden kon spelen. In Engeland was dat al langer gebruikelijk. In Nederland werden vrijwel alleen Europa Cupwedstrijden bij kunstlicht gespeeld, in de Kuip en in het Olympisch Stadion. Competitievoetbal was, ook bij NAC, vooral iets voor de zondagmiddag.

Maar als vier Franse lichtmasten overeind worden getrokken aan de Bredase Beatrixstraat, een paar maanden na de vlucht van Lemmens, wordt de geschiedenis herschreven. Op 27 december 1975 ziet Breda letterlijk het licht, voor een oefenwedstrijd tegen Fortuna Düsseldorf. Het Avondje NAC is geboren.

Er zit een zekere toevalsfactor bij, want het NAC-bestuur heeft de lichtmasten bovenal uit puur praktische overwegingen aangeschaft. De KNVB had kort daarvoor nieuwe regels vastgesteld voor accommodaties in de eredivisie – om clubs op de langere termijn ook ‘s avonds te kunnen laten spelen. Over zoiets als een Avondje NAC werd in Breda toen nog helemaal niet nagedacht. Dat die vier metalen masten een nieuw, onvergelijkbaar fenomeen in het Nederlandse voetbal zouden worden kon niemand bevroeden.

[…]

Al snel na die eerste wedstrijd komt de clubleiding van NAC op een idee dat opnieuw een cruciale impuls zou blijken in het verhaal. Lemmens bladert in wat foldertjes en bedenkt een slogan, gebaseerd op een bekende reclame van Horeca Nederland uit die tijd. ‘Een Avondje NAC, ja, gezellig!’, luidt de geïmproviseerde tekst van Lemmens, die op stickers en in clubbladen wordt afgedrukt.

Je zou het een eerste voorzichtige poging tot marketing kunnen noemen, dan nog een volstrekt onbekend begrip in het Nederlandse voetbal. Het werkt wonderwel. Het Avondje NAC wordt razendsnel een fenomeen. Het kunstlicht werkt als een magneet op het publiek, terwijl de Bredase horeca gretig meeprofiteert van de zaterdagavondjes NAC. […]

Veel Bredanaars koesteren het Avondje als hun eigen kind. Dankzij de haast ongrijpbare aantrekkingskracht van het licht, die voor warmte zorgt – en mysterie. De zaterdagavonden, ze zijn een dankbaar excuus om na afloop nog even de kroeg in te duiken, of juist voorafgaand, om moed in te drinken. […]

Het elftal voelt zich oneindig sterk in eigen huis, waar het publiek op zaterdagavonden steeds luidruchtiger achter de ploeg gaat staan. Het kleine stadionnetje aan de Beatrixstraat voelt als een bastion, alsof het veld omringd is door kasteelmuren.

Het Avondje groeit uit tot een vast onderdeel van het uitgaansleven, met de café’s van de binnenstad op steenworp afstand van het stadion. Wanneer NAC gewonnen heeft, duiken de fans met een lijf vol adrenaline de kroegen in, klaar voor een feestje tot diep in de nacht.”

(Sjoerd Mossou, Avondje NAC – Een liefdesverklaring, Uitgeverij Bertram + de Leeuw, 2012, blz 22-23)