Close

June 29, 2012

De surrealistische spelersloopbaan van Gaddafi jr

“De voetbalgrootmachten zitten anno 2003 niet te wachten op een wel heel modale voetballer als Saadi Gaddafi. Grote baas van Fiat en Juventus Turijn, Gianni Agnelli, is de vele telefoontjes van kolonel Gaddafi zat. Niet dat hij de man niet kan apprecieren. Nee, dat is het probleem niet. Gaddadfi heeft immers veel geld geïnvesteerd in Fiat. Net zoals hij dat ook deed in andere grote Italiaanse bedrijven. Kolonel Gaddafi heeft op dat moment 7,5 procent van Juventus in handen. Gekocht voor 21 miljoen dollar. Wat zou hij graag hebben dat zijn zoon het zwart-wit gestreepte shirt zou kunnen dragen. Maar zie je Saadi al opdraven in een ploeg die net kampioen werd? Aan de zijde van Pavel Nedved, Edgar Davids en Gianluigi Buffon? Trainer Marcello Lippi lacht zich een bult. Desondanks sluit Juventus wel een bijzonder lucratieve sponsordeal met de Libische oliemaatschappij Tamoil.

Wanneer duidelijk is dat Saadi niet voor ‘La Vecchia Signora’ zal uitkomen, beginnen de Gaddafi’s uit te kijken naar een ploeg die in ruil voor de nodige centjes hem wél een gepast spelerstruitje wil aanbieden. Bij Perugia Calcio, waar bijtertjes als Gennaro Gattuso en Marco Materazzi de jeugdopleiding doorliepen, is het geld meer dan welkom.En dus Saadi ook. Deze pakt het groots aan door niemand minder dan Diego Maradona aan te trekken als technisch consultant. De Canadese sprinter (en dopingzondaar) Ben Johnson wordt zijn persoonlijke trainer. Eén keer mag Saadi invallen. Even later wordt hij echter al betrapt op doping, nandrolon. Een schorsing volgt. Perugia zakt naar de Serie B en Saadi zal in het seizoen 2004/2005 geen enkele minuut spelen. (‘Zilveren Vos’ Fabrizio Ravanelli scoort immers aan de lopende band.) Uiteindelijk zal Saadi in twee seizoenen vijftien minuten voor Perugia spelen. Dat zijn negenhonderd seconden.

Het weerhoudt hem er niet van een transfer te versieren naar Udinese Calcio, dat nota bene een Champions League-ticket op zak heeft. Trainer en bestuur gunnen de enthousiaste Saadi tien minuten speeltijd tegen Cagliari Calcio. In een onbelangrijke wedstrijd op het eind van het seizoen. Balans bij Udinese? Zeshonderd seconden. Volgend station in Italie is U.C. Sampdoria. Hij zal in Genua geen enkele wedstrijd spelen. Nul seconden. Nul. Het betekent het einde van de surrealistische voetbalcarrière van een speler die al blij mocht zijn als hij de toss won.”

(Joost Houtman en Jan-Cees Butter, “Het foute elftal – moord en doodslag in de voetballerij”, Lebowski Publishers, Amsterdam 2012, blz 235-236)