Close

May 14, 2012

Voetbalwoordenboek: Het boekje van Jan Reker

“Archief (alfabetisch gesorteerde kaartenbak) van Jan Reker, nu directeur van CBV (Coaches Betaald Voetbal), dat aangaf wie op welke manier een strafschop neemt. Hans van Breukelen stopte in 1988 drie strafschoppen in de beslissende serie van de Europacup 1-finale tegen Benfica, waardoor PSV de beker won. Hij had de informatie over de Portugese schutters van Jan Reker gekregen. Zo stopte hij ook later in dat jaar een strafschop tegen Rusland in de EK-finale die Nederland won.

“Het boekje bestaat niet meer, omdat Reker het in de open haard heeft gegooid toen hij zijn bureau uitmestte. Het was gedateerd: er stonden ruim 2000 penaltynemers in van wie de meesten al niet meer speelden.”

(Rob Siekmann en Frans Duivis, “Voetbal!”, Uitgeverij Het Spectrum, Utrecht 2000, blz. 27)

 

“Ik was als jonge keeper al op zoek naar informatiebronnen om beter te kunnen worden. Zo was ik nieuwsgierig naar de aanpak van vedettes als Jan van Beveren. Alles wilde ik van hem weten. Alle informatie die ik los kon krijgen, zoog ik op.

“Mijn penaltykennis heeft altijd veel aandacht in de media gekregen. Enkele van mijn beslissende reddingen had ik voor een deel aan Het boekje van Jan Reker te danken. Jan Reker komt de eer van het aanleggen van de penaltykaartenbak toe. Hij was zijn tijd vooruit door gegevens over penalty’s te verzamelen. Het was zijn hobby om te noteren waar een penalty ingeschoten werd en […] welke strategie door de keeper toegepast moest worden. Over iedere wedstrijd die hij bezocht of zag krabbelde hij wat feiten en cijfers op papier.

“Van zijn verzameling gegevens heb ik veel profijt gehad. Voor iedere wedstrijd informeerde Reker mij over de vijandelijke penaltynemers: rechtsbenig of linksbenig, korte of lange aanloop, hoog of laag in het doel, hard of vooral geplaatst in linker- of rechterhoek. Het stond allemaal nauwkeurig genoteerd in zijn kaartenbak en ik smulde van deze informatie.

“Ik voelde me sterk als ik de voorkeuren van mijn tegenstanders kende. Op het moment dat de spanning toenam, kon ik daar op terugvallen.”

(Hans van Breukelen, “Winnen – van talent naar topspeler”, Uitgeverij L.J. Veen, Amsterdam/Antwerpen 2011, blz, 249)